'dokter' (Luganda)

beetje spanning? check!
beetje kriebels? check check!
beetje goesting? check check check!

Lijstjes, vaccinaties, Lariam, beurzen, visums, visa’s, AS Adventures, sweet goodbyes (snik!), deze blog... Het aftellen is begonnen. 3 Meiden, 3 Maanden ...

Plaatsgebrek in onze valies (we zijn meisjes, wat wil je?), maar we nemen je graag via deze blog een beetje mee op avontuur … in Uganda.


zaterdag 29 mei 2010

UgandaMMM...

3 Meiden, 3 Maanden 'Musawo' ...

Een stukje van de wereld ontdekt
(en ook een beetje van zichzelf...)
Grenzen opgezocht en (ongeveer;) zonder kleerscheuren overleefd.
Dromen gedeeld, gelachen en gezongen...

Helaas...
komt aan mooie liedjes...steeds een eind...

Maar genoten...

hebben we! (met volle teugen...)
En jullie hopelijk een beetje met ons, bedankt!

(en dromen... dat blijven we doen, toch?)

Elien, Eva, Helena

PICTURE TIME < weekje 12-13 >







maandag 24 mei 2010

Onze laatste weken (op het moment dat ik dit tekstje uiteindelijk post: dagen) hier gaan onverbiddelijk in…maar samen met het opzien tegen de terugreis, wordt ook het dagdromen over het thuiskomen steeds sterker. Twee weken stage in Lugazi zitten er al op, en het contrast met het levendige Kampala waar steeds iets te beleven viel, was gigantisch.

Zonder elektriciteit, licht, stromend water, internet…val je al gauw compleet stil: geen muziekje om je op te vrolijken na een (emotioneel) zware ziekenhuisdag, geen filmpje dat wat afleiding biedt, zelfs een boek lezen gaat snel vermoeien bij kaars- of zaklamplicht…Na een paar dagen valt de eentonigheid (crackers-confituur- soep- crackers- confituur –soep- crackers…) mij al zwaar. En dan te bedenken dat we toch naar Afrika zijn gekomen voor dit ‘back to basics’ gevoel. Mijn definitie van ‘basics’ heb ik toch wat moeten herzien…Zoveel dingen die bij ons vanzelfsprekend zijn, zijn hier een ware luxe: een kraantje opendraaien en je tanden poetsen, een ontspannende douche met water op de temperatuur waar je zin in hebt, een koelkast vol lekkers, een wc die doorspoelt met een druk op een knop, een auto die je zonder pannes of halsbrekende toeren op onberijdbare wegen vlotjes naar je eindbestemming brengt…

Ook in het ziekenhuis ontbreken vele, soms levensnoodzakelijke, ‘basics’ die een ziekenhuis maken tot wat het zou moeten zijn: een plaats waar zieke mensen verzorgd en liefst ook genezen worden. Dokters zijn een zeldzaamheid en handelen de overvloed aan patiënten dan ook in sneltempo af, kennis bij de verpleging (hoe zeer ook van goeie wil) lijkt soms ontoereikend, medicatie is schaars, zelfs voeding voor ondervoede patiëntjes wiens wonden onmogelijk te helen zijn op deze manier is er meer niet dan wel. In bloedonderzoeken wordt niets meer getest dan malaria en anemie en echo’s of radiografieën zijn enkel mogelijk voor de patiënten die het kunnen betalen.

Wij staan vooral op de kinderafdeling: elke ochtend doen we met ons drieën een zaalronde. Een arts is er meestal niet, maar verpleegsters staan steeds open voor vragen of springen bij als tolk. De eerste dagen verliep onze ronde niet zonder hindernissen: bange blikken en gekrijs zodra die vreemde blanke gezichten te dichtbij kwamen. Ons charme-offensief miste zijn effect echter niet en, hoewel we de kinderen verder niet altijd veel te bieden hebben, met ballonnen slagen we er toch in een lach op hun gezichtjes te toveren!

Enkele stagetafereeltjes (grappig of hartbrekend onrechtvaardig ) zal ik niet gauw vergeten: één van de eerste dagen hier in Kawolo Hospital kwam een dame consulteren met de doodernstige vraag waarom ze alleen maar dochters kreeg en wat ze moest doen om toch alstublieft een zoon te baren. Dat was immers de enige manier waarop haar man haar ooit trouw zou kunnen blijven…De dokter zag oprecht de ernst van haar probleem in, maar kon helaas geen wondermiddeltje uit zijn hoge hoed tevoorschijn toveren. Na het consult legde hij me uit dat in Oeganda een moeder haar plicht pas vervult als ze haar echtgenoot zonen kan schenken die het voorbestaan van de familie verzekeren. Ik zei dat ik dat ik thuis slechts 1 zus heb. ‘Rrrrrreally?!.....….Are your parents still together?’ ‘Euh..ja… ’…(Ongelovige blik)… ‘And isn’t your father worried ?’ ‘Hmmm nee niet direct denk ik’…Blij dat mijn wiegje in België stond!

Een patiëntje op pediatrie staat ook voor altijd op mijn netvlies gebrand. Opgenomen wegens ‘mazelen’, maar ons medisch oog lijkt eerder een zware reactie op medicatie te herkennen: hoge koorts, blaren, zweertjes rond de mond…De blaren worden wonden en het jongetje is er dag na dag slechter aan toe. De initiële frustratie naar het personeel toe ( mazelen?!, wondzorg met pluizende watjes die (wonder boven wonder!) hardnekkig in de wonden blijven kleven?!) evolueert naar ontgoocheling in mijzelf (Wist ik maar zeker wat dit was! Wist ik maar wat we er precies aan moeten doen! Hadden we niet sneller voor betere voeding moeten zorgen! Hoe kunnen wij zo van onze uitstapjes (escapades, letterlijk) genieten terwijl hier zoveel miserie zo dichtbij is!). De enige manier om mijn geweten een beetje te kalmeren is in het weekend in Kampala wat deftig wondzorgmateriaal aan te schaffen…Ook niet de oplossing, maar een structurele aanpak op lange termijn en grootschalige gezondheidsprogramma’s die misschien over 100 jaar de levensverwachting iets weten op te krikken, helpen dít kind en deze familie nu ook niet vooruit.

Een leven hier lijkt soms minder waard te zijn dan een leven bij ons: een geboorte bij ons gaat gepaard met tranen van geluk en bergen felicitaties, en om een overlijden te vermijden, overtreft een arts zichzelf en wordt alles uit de kast gehaald (misschien soms zelfs te veel). Hier krijgt een kersverse moeder amper een ‘proficiat’ en een dode meer of minder zal ook het verschil niet maken. In een land met zo’n hoge kindersterfte, waar doodskisten op straat worden verkocht tussen ananaskraampjes en fleurige kleren, is weerstand tegen emotionele betrokkenheid bij nieuw leven en doodgaan misschien een noodzakelijke vorm van zelfbescherming. Wederom dankbaar dat mijn wiegje in België stond!

Ons landje is misschien niet het mooiste van de wereld, maar hoe prachtig de natuur hier in Oeganda ook is, vele andere aspecten maken dat ik niet zomaar zou willen ruilen. Oegandezen zijn in de regel trouwens zeer trots op hun land en vragen ons dan ook steevast naar onze mening erover. Onze bewondering voor alle natuurpracht maakt hen fier, hoewel de meesten slechts een fractie hebben gezien van wat wij allemaal op ons palmares kunnen schrijven. De meeste mensen in de dorpen leven in een hele kleine wereld, zijn amper in de hoofdstad geweest…Terwijl wij, rijke westerlingen, maar eventjes komen aangevlogen van de andere kant van de aardbol en dan ook nog in staat zijn alle uithoeken van het land te doorkruisen.

Ik zal naar huis gaan met een hoofd vol prachtige herinneringen, en een hart vol liefde voor Afrika, maar ook met een hernieuwd besef van de overvloed aan kansen die wij bij ons dag in dag uit krijgen! Wij dromen over onze toekomst, over reizen die we willen maken, over waar en hoe we willen wonen…De wereld ligt voor ons open, we hoeven er alleen maar van te genieten. Voor ik hier te sentimenteel word…: genieten is dan ook wat we nog met volle overgave gaan doen tijdens ons laatste weekje Oeganda: Lake Bunyonyi, here we come!!!

(P.S Als ik dit tekstje post, zit onze trip naar het paradijselijke Byoona Amagara eiland in Lake Bunyonyi er al haast op…en bovenstaand tekstje met al zijn bedenkingen en frustraties lijkt uit een andere wereld te komen…Wat een paar dagen zon, prachtige natuur en overheerlijke pannenkoeken al niet kunnen doen!)

-elien-

zondag 16 mei 2010

woensdag 12 mei 2010

Twee meisjes...

Ons Westers (luxepaarden-)hartje maakte een extra sprongetje toen we in het busje naar Kampala wipten voor het weekend.
Warm eten! Een vork! Tanden poetsen en haar wassen met stromend water! Een spiegel (ik prijs mezelf zielsgelukkig met Elien en Helena niet enkel als kapsters maar ook als fashionpolice)! Een licht dat niet op je voorhoofd staat (forgive me- I love you, Mr. Petzl!)! Een toilet dat doorspoelt! Een meubel dat niet als én kleer- én boeken- én medicijn- én voorraadkast én schrijf- én afwas- én toilet- én eettafel fungeert…
En dit na amper één weekje ‘back-to-basics’ (– en kwamen we daarvoor eigenlijk niet naar Afrika?)


Geen elektriciteit in ons huisje, dus maakte ik tijdens de rit de (ampere)balans op van een eerste week stage in Lugazi. De kleinschaligheid van het ziekenhuis had een gevoel van ‘betrokkenheid’, ‘van nut zijn’, ‘(beetje) verschil maken’ opgewekt.


Opnieuw hadden we in ons werk op weerstanden gebotst (taal, gebrek aan middelen en organisatie)… maar er heerste door het ervaren van ‘appreciatie’ en ‘dankbaarheid’ een uiterst gunstige spanning in ons circuit.
Deze week bleek tot een zeer krachtige stroombron omgevormd. Ik zinderde nog even na.

Ik voelde me energiek, `close to life` en ‘alive’: een uurtje ervoor de kans gekregen (en gegrepen) een kleine spruit op de wereld te zetten (10 vingertjes en 10 teentjes, oef alles erop en eraan): navelstreng doorsnijden, onderzoeken, ademhaling wat moeten stimuleren (nog nooit een baby zo graag horen schreien!), wegen, meten, inwikkelen, aan een stralende mama presenteren… Ik, al even glunderend, had zelf een naam mogen kiezen. De in België populaire ‘Thomas’ was de eerste (gepaste) die me te binnen schoot…


(ik hoop dat hij er later blij mee is.)
Zijn mama schonk me alvast een goedkeurende blik, nadat eerst ietwat afprijzen maar vooral ongeloof en onbegrip in haar ogen te lezen waren geweest – haar oorspronkelijke vraag luidde namelijk wat de namen van mijn kinderen waren.

Op het I-pod‘shuffle’tje in mijn oren waren een aantal Belgische klassiekers aan de beurt. En alsof ze me achtereenvolgens een aantal suggesties voor meisjesnamen wilden doen, smeekte Koen Wauters (weet je nog waar die `F` in ons alfabet voor stond?) een meid om hem aan te kijken (want hij ligt te janken, languit op de planken), bezong Luc De Vos een meisje dat niet van afwassen hield, en verklaarde Stijn Meuris zijn liefde aan eentje dat rond zijn planeet vloog.


Toen we in Kampala aankwamen, merkte ik dat de busrit me opnieuw een stoffig- ‘fond de teint’ laagje had opgeleverd. Ik zag in de spiegel in een flits een 11-jarig meisje staan dat zich, in de badkamer, op een stoel (want de spiegel boven de lavabo reikte maar tot haar neusbrug), aan de poederdoos van haar moeder had vergrepen. ‘Less is more’, had mijn mama me op het hart gedrukt toen ze toen me betrapte. Ik had echter meer aandacht voor het toedraaien van het potje van haar dure dagcrème (ongeveer de helft ervan bevond zich namelijk precies onder die blush en fond de teint) dan voor dat eerste make-up advies, en was ook heel opgelucht dat ik die gigantische antieken gouden oorbellen net op het nippertje van mijn oren had kunnen halen.
#Later als ik groot ben…#

’s Avonds liepen we in de bar een Amerikaanse tegen het lijf die ons ook op de trip naar Kidepo had vergezeld. ‘Sportjournaliste’, zo had ze zichzelf voorgesteld tijdens het typische kennismakingsrondje in de auto. Ik had er spontaan kippenvel van gekregen.
Het bleek aanvankelijk om een soort overlevings-camouflage-strategie van mijn lichaam te gaan (het leek namelijk even alsof een dozijn pas uit de kwekerij ontsnapte kippen zich op de achterbank had genesteld). De combinatie van haar accent én babbelziekte én de 4-dagen(!)-durende autorit naar en van Kidepo kon ook best tellen als survival-avontuur, geloof me. (sorry N., verder ben je echt een schat…)
Maar de verhalen over haar beroepsleven spraken weer tot de verbeelding…
#Later als ik groot ben…#

‘Sportjournaliste’ heeft in mijn ‘Wat wil ik later worden?’-lijstje lang de kop gevormd. Haar demarrage uit het beroepen-peloton moet ergens plaatsgevonden hebben na eerdere ontsnappingspogingen van ‘prinses’, ‘zeemeermin’, ‘balletdanseres’, ‘dolfijntrainster’, ‘snoepwinkeluitbaatster’, ‘onderwijzeres’, ‘Spice Girl’ (even een schijnaanval), ‘fotografe’ en ‘archeologe’. Ze was pas de laatste meters ingelopen, en had de ultieme spurt slechts met enkele bandbreedtes verschil op de meet, van ‘arts’ verloren (fotofinish).
En boven die gele trui, zou dus op het podium (7 jaar later), een witte kiel aangetrokken worden…

Maar ik zag het opnieuw helemaal voor me, ‘sportjournaliste’, een professioneel leven zo dicht bij Actie, Passie en menselijke Emotie: bij het gevloek van voetbaltrainers aan de zijlijn; bij de tranen van verdriet na die gemiste vrije worp, na twee valse starts, na een verkeerde aflossing, of van een kunstschaatser die net bij die laatste sprongenreeks zijn evenwicht verloor; tranen van vreugde op het gras van Wimbledon na een ace op ‘championship point’, na een ippon in de laatste seconden in de kamp om de wereldtitel...
En natuurlijk de gespierde, afgetrainde, bezwete, stoere lichamen en de interviews onder de douche… (Zei ik al dat ik een echte Puber was? Zeg dus maar P-U-B-E-R).

‘Geneeskunde’ was in elk geval een ‘volwassener’ en realistischer alternatief (en als sportarts mag je toch ook in de kleedkamers?;)
En… ook die keuze bezorgde me nog steeds indrukwekkende loslatingen van (nor)adrenaline, serotonine en dopamine én ongeziene pieken van endorfines. Ik bedacht me dat ook ‘dokter worden’ een verwezenlijking van een droom was (en hoeveel dichter dan als ‘psychiater’ kan je bij die ‘menselijke Emotie’ komen?) En besefte dat ook het avontuur dat ik nu in Uganda beleefde, deel uitmaakte van die fantasie.
#Later als ik groot ben…#

Na de muzikale inleiding was ook de rest van het weekendje op en top verticaal! zwart-geel-rood gekleurd; zaterdagavond Belgian night...


(maandelijkse bijeenkomst van de Belgen in Uganda, onder toeziend oog van de Belgische ambassadeur) met frietjes met mayonaise, zondagmorgen een Belgisch regenweertje en zondagmiddag bij een piepend zonnetje een ijsje met Belgische chocolade…
en toegegeven… ook de luxe voelde een beetje als ‘thuis’…


Het was een weekend geweest met thuiskomen en kinderdromen…

Maandagmorgen, op weg naar Lugazi, dacht ik aan de kleintjes in het ziekenhuis, de zieke kindjes die doch met guitige en fonkelende oogjes op ons wachtten in hun bedje. Wat waren hun dromen en toekomstwensen?… Wat zou op hun lijstjes op één prijken?
#Later als ik groot ben…#

Raymond Van Het Groenewoudt sneed -op zijn beurt- één van de zangstukjes over Vlaamse meisjes aan:
‘Twee meisjes op het strand, ze lezen modebladen, ze kijken in het rond,
ze dromen van een prins…
Twee meisjes op het strand, ze lezen modebladen, ze kijken in het rond,
ze dromen…’
Ik hield mijn adem in. Nooit was de sarcastische, wrange toon van dit lied me zo duidelijk…
Ik deed ook Raymond verstommen, maar de scherpe, schrille klank dijde ver uit.

-eva-

maandag 10 mei 2010

KawoKo of KawoLo ... That`s the question!

We zijn nu al een weekje in Lugazi, en dat vraagt om een blogverslagje!

Vrijdag kregen we via een berichtje te lezen dat de bestemming voor onze ‘rural rotation’ KawoKo zou worden. De contactgegevens van de verantwoordelijke arts gingen we later wel vernemen van onze allerliefste (lees ironisch!) contactpersoon aan de universiteit. Ijverig als we zijn (of Eva toch) kwamen we snel te weten dat dit dorpje ergens buiten Massaka lag, een stad richting het zuiden op 2 uur rijden van de hoofdstad. We waren supercontent dat we eindelijk een naam en een plaats hadden, en ook dat het in het Zuiden lag omdat we de noordelijke kanten al gezien hadden en van ons laatste weekendje aan de Nijl uitgebreid konden genieten!

Natuurlijk was dat buiten de SMSkunsten van de verantwoordelijke gerekend, want zondagavond kregen we na de contactgegevens plots KawoLo op ons gsmschermpje te lezen… Gelukkig hadden we traag internet in de buurt en Kawolo Hpspital bleek dus de andere kant op te liggen, zo’n 35 kilometer vanwaar we juist kwamen… ons favoriete plekje in Oeganda, de Nijl!! Het ziekenhuisje ligt aan de rand van Lugazi - het Tienen van Oeganda wegens de suikerfabriek -, een middelgroot stadje langs de grote weg van Kampala naar Jinja. We hebben dus het voorrecht om elke dag de shuttle met rafters te zien passeren, en het avontuur dat we zelf al 2 keer hebben ondernomen in onze gedachten te herbeleven!

Maandag trokken we dus richting onze nieuwe woonst voor 3 weken. We kregen een warm ontvangst van het hoofd van het ziekenhuis en aan het einde van het gesprek de vraag “of we toevallig geen matrassen meehadden???” Ja duh!! En toen bleek de sleutel ook nog in de zak van onze huisgenoot te zitten die momenteel in Kampala zat!
Gelukkig kunnen we ons goed bezighouden, en vonden we al snel een internetcafé om nog wat nieuws van het thuisfront te lezen. Een paar uur later zaten we in de ambulance met ons gerief en 3 ziekenhuismatrassen, om de 100 meter bergop te rijden waar het huisje staat. Na een vlugge kuisbeurt en een verhuis van de beschikbare bedden in 1 kamer was ons stulpje gereed. Lopend water was (en is) er niet en aan de elektriciteit werd gewerkt! Maar we waren al blij dat we een bed hadden voor de nacht!

Het ziekenhuisje is veel kleiner dan Mulago en dat heeft zeker zijn voor- en nadelen. Er zijn 4 wards (vrouw/man/kind/HIV&TBC), een Outpatient Department (waar consultaties plaatsvinden), het labo, de apotheek, een tandartsen’kamer’, een operatiekwartiertje, en een Public Health Department (lees: kamertje)…
Het liefst van al was ik elke dag met de Public Health verantwoordelijke naar de dorpen getrokken om basisgezondheidszorg te verlenen (vaccinaties, tandzorg enz…), maar er is te weinig geld, dus wordt er niet uitgereden. Elien en Eva trokken naar de kinderafdeling en ik ging op het stoeltje zitten naast één van de weinige artsen op de consultatieafdeling. De voornaamste ziekten zijn malaria, seksueel overdraagbare aandoeningen en luchtweginfecties. Spijtig genoeg kunnen de patiënten meestal geen Engels en gaat veel van de consultatie verloren in de vertaling van de arts: hoofdpijn, abdominale last, koorts, hoesten …. Bijna iedereen wordt voor een malariatest doorgestuurd, en of de test nu positief of negatief is, meestal wordt malariatherapie sowieso opgestart.

’s Middags eten we een boterhammeke met fruit of een eitje op ons veranda, en al snel worden we omringd door de kinderen uit de buurt. Na een uurtje pauze (met boek of muziek in de zon) is het soms moeilijk om terug energie te vinden om terug naar het ziekenhuis af te dalen. Er zijn weinig dokters en je voelt je dikwijls te onbenullig om van tel te zijn. Ook hier hebben de mensen te weinig geld om een RX te betalen, zijn er geen verbanden meer in voorraad om wonden te verzorgen … en hoever kun je zelf gaan om de zorg voor een kindje op je te nemen (aan wie geef je geld voor een RX of voor wie ga je antibiotica gaan kopen, want wat met al die anderen dan?)?

We hebben gelukkig een plekje gevonden waar we ons even terug kunnen trekken als het ons allemaal te veel wordt, en waar we ook eens lekker kunnen eten (ipv volledig gefrituurde kip of vis met frieten, zelfs vers tropisch fruit met yoghurt kan ons niet elke dag bekoren!). Het is een luxeplekje weliswaar, maar we kwamen er alvast volledig opgeladen van terug!

Dit weekend gaan we voor de laatste Belgian Night terug naar Kampala en we zijn geen vrouwen als we er ook niet al van zouden profiteren om te gaan shoppen (souvenirtjes natuurlijk). Hopelijk kunnen we dan weer met volle moed aan een nieuwe week in Lugazi beginnen!

-helena-

zondag 9 mei 2010

Voor onze trouwste fans...

Na 10 weken zijn we het toch een beetje beu...
de was en de plas, ons bed opmaken, de afwas doen, koken, kuisen...

Mamatjes lief, we missen jullie zo!!!

maar vooral... jullie onvoorwaardelijke steun, de zoen voor het slapengaan, de zondagse gezelligheid, de keuken die altijd openstaat, de energie, drive en het enthousiasme, de juiste woorden op de juiste momenten...

En daarom vandaag...


Dikke zoenen van jullie drie Kapoenen

woensdag 5 mei 2010

maandag 3 mei 2010

Uganda-alfabet

Lieve volgers,

We zijn er ietwat mee opgezet:
deze volgende weken lopen we stage aan een ander ziekenhuisbed.
We vrezen echter in het dorpje Lugazi geen toegang tot het internet…
Dus even goed opgelet:
hier volgt ons (van Ananas tot Z…) ons 3x3weken Uganda-alfabet!

Amarula, abseilen, ananas snijden
Bucketshower, bushtoilet, boda boda rijden

Computervirussen, Champions League, chilli peper, chapatti
DEET, Disneyfilm, donderslag, duimdislocatie

Equator, e-mailtjes van thuis, Edge House nights
Fang Fang, foute liedjes, firefly-flights

Gorillaschreeuw, gospelkoor, guacamole-dip
How-are-you?, Hot loaf bakery, hiking trip

IDI (Infectious Disease Institute), impala, impenetrable, Imodium, internetcafé-bezoekjes
Jeuk, Jinja, jungle speed, Jane Austen, Jules De Strooper-koekjes

Kajakken, kraanvogel, Kasubi, Kidepo-kamperen
Lariamdromen, links rijden, leeuwenkoningin, Luganda leren

Matatu, Mzungu, moelleux, moonlight, mangojuice
Nagelbijt-helaba’tjes, nutella, nevaeh, notenleer, Nijlcruise

Olyotya, olifant-aan-huis, onnozele mopjes (‘what bees give milk?’ …Boo-bees!), ochtendgebed, oordopjes
Passievrucht, pedicure, paraplu met bloemetjes, paper van ethiek, paardengallopjes

Queen’s day, quiznights
Regenboog, rough raft-guides

Sipi, smoothies en slushies slurpen, sit-ups, schaakmat, springtouw, Serena, Susan
Thee, teva’s, tilapia, taxipark, Tsetse vlieg, Tintin, Tarzan

UWA, Ugandan time, UV-stralen-overdose
Voetenfoto’s, Victoriameer, verjaardagscadeaus

White coats, wereld van Sofie, Wandegeya, waterval
X-rays, Xtreme wardrounds, x’jes!, Xyzall

Yusuf Lule, yoghurt met vanille en fruit
Zeldzame zebra, zout-zweterige huid…
(en zo zwaaien we jullie nu even uit)

Deze letters vertellen het verhaal van onze avonturen.
Gelukkig kan ons sprookje hier nog 4 weken blijven duren.


Elien, Eva
Helena

PICTURE TIME < weekje 8-9 >

(ugandaMoelleuxMoelleuxMoelleux)
Na een allerlaatste ultieme chocolade-explosie namen we afscheid van Kampala.


We sloegen onze tenten op in het wondermooie Kidepo...
en brachten ook een blitsbezoekje aan Sudan.


Opgeladen en helemaal `zen`, vertrokken we terug naar het zuiden voor onze laatste weken stage...

zondag 18 april 2010

PICTURE TIME < weekje 7 >

We namen een hapje `oerstof`, smaakten de natuurfilosofen, herkauwden over een stukje Plato bij de grotten en gaven ons als overtuigd epicurist over aan een 12-gangen-menu dat enkel Aristoteles kan bedenken en een mysticus kan omschrijven...


Even waanden we ons in de Wereld van Sofie (ligt sinds kort op ons nachttafeltje- betrapt:), maar niet enkel een bescheiden stukje filosofie-geschiedenis, ook een beetje film-geschiedenis kwam dit weekend tot leven... in Sipi Falls.




Meegezogen door filmscenes, -decors, -citaten en -soundtracks hinkelden we van 5-puntige ster tot 5-puntige ster op de Walk of Fame. Het voorbije (verjaardags)weekend mochten we dan wel het glamoureuze ***** leven van haar doorsnee bewoner geleid hebben, deze twee dagen leken we waarlijk in Hollywood!
Huppelen jullie even mee?

(oh! om alle speculaties voor te zijn, er speelde zich dit weekend geen ^Tristan&Isolde^ of ^Romeo&Julia^ af, noch ^Les Liaisons Dangereuses^, die jongeman met ons op zwier is een rasechte Amerikaan, studie- en huisgenoot, Andrew)

I`m the king of the world... ^LD in Titanic^


The hills are alive with... ^JA in The Sound of Music^


Adembenemende (dit woord kreeg een nieuwe definitie) panorama`s die we enkel in fairy tales en Disney-films konden thuisbrengen... (^Lion King, Jungle Book, Pocahontas^)



Somewhere over the rainbow... ^JG in The Wizard of Oz^



(die waterval op de achtergrond? een close-up...)



Op weg naar het abseilen (100 meter, parallel met die waterval), voelde toen waarlijk aan als ^Dead Man Walking^ (geloof dat we elkaar letterlijk lieten beloven aan onze familie en vrienden te zeggen dat we ze graag zagen als de 35mm van ons leven hier eindigde)


Morituri te salutant... ^RC in Gladiator^


(Onze klimimstructeurs - gelukkig ontdekten we pas `s avonds in de bar, toen ze ons nogal beschonken loofden als `climbing mountain goats`, dat ze er het NACHTleven van de meeste sterren op nahielden)


(cliffhanger)

Superheroes! (gun ons die one minute of fame;) ^Spiderman^ meets ^G.I. Jane^ in ^Batman^s batcave...





Een happy end!

vrijdag 16 april 2010

PICTURE TIME < weekje 6 >

Kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss! én Kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss kiss!

Verjaardagskussen, ze mogen niet ontbreken, en wat is een ‘Happy Birthday’ zonder… verrassingen? taart met kaarsjes? ballonnen? liedjes? kaartjes met gedichtjes? cadeautjes met strikjes? (zie onderstaande verslagjes)... En 2 ‘happy` Birthday-Girls??




The day after…

*Als een sweet torture, een vreselijke kwelling, bleef het inmiddels legendarisch chocoladetoetje maar door Eliens hoofd rondwaren ‘CIOCCOLATISSSSSSSSSSIMO’… Gedreven door een zoete lust, was ze dagenlang niet weg te slaan uit de keuken, in haar queeste naar het precieze recept.

Velen van haar huisgenoten konden genieten van de ontelbare probeersels.

And she came so close but… Confrontatie met die ‘net-niet’s viel haar zo zwaar dat Elien besloot er een einde aan te maken…
Weg van haar lijden, in hogere, spiritueler oorden, ging Elien op zoek naar een nieuw evenwicht.


*Ook met Helena ging het na die ‘top’ op haar verjaardag, enkel maar bergaf. In haar zoektocht naar nieuwe verrassingen, uitdagingen en adrenalinepieken ging ze tot het uiterste. Een nieuwe carrièrewending als pin-upgirl kon geen soelaas bieden.
Ze ging dan maar de snelheidskick van het motorrijden opzoeken. Helaas had ze reactievermogen van de koeien op de weg wat overschat en kende ook haar jonge leven een abrupt einde.

Ze vergezelde Elien achter de poorten van Sint Pieter…

*Ondertussen op de the Endocrine Unit…
(ergens tussen de zwarte vlekjes door...) kreeg Eva te horen dat de glucosesticks opnieuw niet besteld waren. Haar ‘bad temper’ –lang verdrongen- barstte uit zijn voegen…

Na een brutale overmanning door het ziekenhuispersoneel (gewapend met spuitjes kortwerkend insuline), zag ze de zwarte stipjes een geheel vormen…

Een plaatsje in de hemel had ze na die wanvertoning eigenlijk niet verdiend, maar gelukkig hadden haar reis-vriendinnen een plekje gereserveerd…
En… raad eens wat er daar, naast de rijstpapjes en yoghurt met honing, nog met gouden lepeltje werd geserveerd??