'dokter' (Luganda)

beetje spanning? check!
beetje kriebels? check check!
beetje goesting? check check check!

Lijstjes, vaccinaties, Lariam, beurzen, visums, visa’s, AS Adventures, sweet goodbyes (snik!), deze blog... Het aftellen is begonnen. 3 Meiden, 3 Maanden ...

Plaatsgebrek in onze valies (we zijn meisjes, wat wil je?), maar we nemen je graag via deze blog een beetje mee op avontuur … in Uganda.


maandag 24 mei 2010

Onze laatste weken (op het moment dat ik dit tekstje uiteindelijk post: dagen) hier gaan onverbiddelijk in…maar samen met het opzien tegen de terugreis, wordt ook het dagdromen over het thuiskomen steeds sterker. Twee weken stage in Lugazi zitten er al op, en het contrast met het levendige Kampala waar steeds iets te beleven viel, was gigantisch.

Zonder elektriciteit, licht, stromend water, internet…val je al gauw compleet stil: geen muziekje om je op te vrolijken na een (emotioneel) zware ziekenhuisdag, geen filmpje dat wat afleiding biedt, zelfs een boek lezen gaat snel vermoeien bij kaars- of zaklamplicht…Na een paar dagen valt de eentonigheid (crackers-confituur- soep- crackers- confituur –soep- crackers…) mij al zwaar. En dan te bedenken dat we toch naar Afrika zijn gekomen voor dit ‘back to basics’ gevoel. Mijn definitie van ‘basics’ heb ik toch wat moeten herzien…Zoveel dingen die bij ons vanzelfsprekend zijn, zijn hier een ware luxe: een kraantje opendraaien en je tanden poetsen, een ontspannende douche met water op de temperatuur waar je zin in hebt, een koelkast vol lekkers, een wc die doorspoelt met een druk op een knop, een auto die je zonder pannes of halsbrekende toeren op onberijdbare wegen vlotjes naar je eindbestemming brengt…

Ook in het ziekenhuis ontbreken vele, soms levensnoodzakelijke, ‘basics’ die een ziekenhuis maken tot wat het zou moeten zijn: een plaats waar zieke mensen verzorgd en liefst ook genezen worden. Dokters zijn een zeldzaamheid en handelen de overvloed aan patiënten dan ook in sneltempo af, kennis bij de verpleging (hoe zeer ook van goeie wil) lijkt soms ontoereikend, medicatie is schaars, zelfs voeding voor ondervoede patiëntjes wiens wonden onmogelijk te helen zijn op deze manier is er meer niet dan wel. In bloedonderzoeken wordt niets meer getest dan malaria en anemie en echo’s of radiografieën zijn enkel mogelijk voor de patiënten die het kunnen betalen.

Wij staan vooral op de kinderafdeling: elke ochtend doen we met ons drieën een zaalronde. Een arts is er meestal niet, maar verpleegsters staan steeds open voor vragen of springen bij als tolk. De eerste dagen verliep onze ronde niet zonder hindernissen: bange blikken en gekrijs zodra die vreemde blanke gezichten te dichtbij kwamen. Ons charme-offensief miste zijn effect echter niet en, hoewel we de kinderen verder niet altijd veel te bieden hebben, met ballonnen slagen we er toch in een lach op hun gezichtjes te toveren!

Enkele stagetafereeltjes (grappig of hartbrekend onrechtvaardig ) zal ik niet gauw vergeten: één van de eerste dagen hier in Kawolo Hospital kwam een dame consulteren met de doodernstige vraag waarom ze alleen maar dochters kreeg en wat ze moest doen om toch alstublieft een zoon te baren. Dat was immers de enige manier waarop haar man haar ooit trouw zou kunnen blijven…De dokter zag oprecht de ernst van haar probleem in, maar kon helaas geen wondermiddeltje uit zijn hoge hoed tevoorschijn toveren. Na het consult legde hij me uit dat in Oeganda een moeder haar plicht pas vervult als ze haar echtgenoot zonen kan schenken die het voorbestaan van de familie verzekeren. Ik zei dat ik dat ik thuis slechts 1 zus heb. ‘Rrrrrreally?!.....….Are your parents still together?’ ‘Euh..ja… ’…(Ongelovige blik)… ‘And isn’t your father worried ?’ ‘Hmmm nee niet direct denk ik’…Blij dat mijn wiegje in België stond!

Een patiëntje op pediatrie staat ook voor altijd op mijn netvlies gebrand. Opgenomen wegens ‘mazelen’, maar ons medisch oog lijkt eerder een zware reactie op medicatie te herkennen: hoge koorts, blaren, zweertjes rond de mond…De blaren worden wonden en het jongetje is er dag na dag slechter aan toe. De initiële frustratie naar het personeel toe ( mazelen?!, wondzorg met pluizende watjes die (wonder boven wonder!) hardnekkig in de wonden blijven kleven?!) evolueert naar ontgoocheling in mijzelf (Wist ik maar zeker wat dit was! Wist ik maar wat we er precies aan moeten doen! Hadden we niet sneller voor betere voeding moeten zorgen! Hoe kunnen wij zo van onze uitstapjes (escapades, letterlijk) genieten terwijl hier zoveel miserie zo dichtbij is!). De enige manier om mijn geweten een beetje te kalmeren is in het weekend in Kampala wat deftig wondzorgmateriaal aan te schaffen…Ook niet de oplossing, maar een structurele aanpak op lange termijn en grootschalige gezondheidsprogramma’s die misschien over 100 jaar de levensverwachting iets weten op te krikken, helpen dít kind en deze familie nu ook niet vooruit.

Een leven hier lijkt soms minder waard te zijn dan een leven bij ons: een geboorte bij ons gaat gepaard met tranen van geluk en bergen felicitaties, en om een overlijden te vermijden, overtreft een arts zichzelf en wordt alles uit de kast gehaald (misschien soms zelfs te veel). Hier krijgt een kersverse moeder amper een ‘proficiat’ en een dode meer of minder zal ook het verschil niet maken. In een land met zo’n hoge kindersterfte, waar doodskisten op straat worden verkocht tussen ananaskraampjes en fleurige kleren, is weerstand tegen emotionele betrokkenheid bij nieuw leven en doodgaan misschien een noodzakelijke vorm van zelfbescherming. Wederom dankbaar dat mijn wiegje in België stond!

Ons landje is misschien niet het mooiste van de wereld, maar hoe prachtig de natuur hier in Oeganda ook is, vele andere aspecten maken dat ik niet zomaar zou willen ruilen. Oegandezen zijn in de regel trouwens zeer trots op hun land en vragen ons dan ook steevast naar onze mening erover. Onze bewondering voor alle natuurpracht maakt hen fier, hoewel de meesten slechts een fractie hebben gezien van wat wij allemaal op ons palmares kunnen schrijven. De meeste mensen in de dorpen leven in een hele kleine wereld, zijn amper in de hoofdstad geweest…Terwijl wij, rijke westerlingen, maar eventjes komen aangevlogen van de andere kant van de aardbol en dan ook nog in staat zijn alle uithoeken van het land te doorkruisen.

Ik zal naar huis gaan met een hoofd vol prachtige herinneringen, en een hart vol liefde voor Afrika, maar ook met een hernieuwd besef van de overvloed aan kansen die wij bij ons dag in dag uit krijgen! Wij dromen over onze toekomst, over reizen die we willen maken, over waar en hoe we willen wonen…De wereld ligt voor ons open, we hoeven er alleen maar van te genieten. Voor ik hier te sentimenteel word…: genieten is dan ook wat we nog met volle overgave gaan doen tijdens ons laatste weekje Oeganda: Lake Bunyonyi, here we come!!!

(P.S Als ik dit tekstje post, zit onze trip naar het paradijselijke Byoona Amagara eiland in Lake Bunyonyi er al haast op…en bovenstaand tekstje met al zijn bedenkingen en frustraties lijkt uit een andere wereld te komen…Wat een paar dagen zon, prachtige natuur en overheerlijke pannenkoeken al niet kunnen doen!)

-elien-

Geen opmerkingen:

Een reactie posten